Het Nieuwe Werken

Uit ArenaWiki

Ga naar: navigatie, zoeken

De recente samenwerkingsverbanden (en ook overheidsorganisaties zelf) hebben de ambitie van de RUD om plaats- en tijdonafhankelijk te werken in lijn met Het Nieuwe Werken zoveel mogelijk te stimuleren en mogelijk te maken. Deze ambitie stelt eisen aan een andere manier van aansturing (op prestaties en resultaten), de informatiestructuur (toegang tot informatie, digitalisering, technische hulpmiddelen), de cultuur (medewerkers), huisvesting en investering (financieel). Door op een nieuwe manier te werken kan het samenwerkingsverband het werk professioneler en op termijn efficiënter uitvoeren.


Inhoud

Doelen van “Het nieuwe werken”

  • De afnemers van diensten, burgers, bedrijven en instellingen beter van dienst te kunnen zijn: klantvraag eenduidig, snel en goed beantwoorden, waarbij het digitale kanaal preferent zal worden;
  • Een bijdrage te leveren aan een duurzame samenleving: inrichting en flexibiliteit gebouw, papierarm, flexibele werktijden en de mogelijkheid van telewerken waardoor wordt bijgedragen aan het terugdringen van reistijd en reiskosten;
  • Een aantrekkelijke werkgever te zijn: ruimte voor eigen verantwoordelijkheid, vertrouwen, resultaatafspraken, balans tussen werk en privé en optimaal gebruik van nieuwe media.


Pijlers van “Het nieuwe werken”

1. Transparantie: Het samenwerkingsverband is er voor en door de afnemende partijen. Het fysieke contact met burgers, bedrijven en instellingen vindt plaats in de vestigingen waar de aangesloten partijen zijn gehuisvest. Dat betekent dat volstaan kan worden met een sobere en doelmatige huisvesting waarbij de facilitering vooral intern gericht is. Door gebruik te maken van moderne media kan worden bereikt dat klanten desondanks van buiten naar binnen worden gehaald.

2. Toekomstbestendig gebouw: Een gebouw dat bij groei van het samenwerkingsverband nog steeds geschikt is voor haar medewerkers als kantoor. Een gebouw dat langere tijd prima functionerend kan blijven staan zonder grote wijzigingen. Een gebouw waar medewerkers flexibel werken en hun werkplek kunnen afstemmen op hun planning voor die dag.

3. Aantrekkelijk werkgeverschap: Efficiënt en effectief werken heeft alles te maken met aantrekkelijk werkgeverschap. In het nieuwe werken is er meer ruimte voor de eigen verantwoordelijkheid van de medewerker. Resultaat wordt belangrijker dan aanwezigheid. Door werk en privé dichter bij elkaar te brengen in de vorm van thuiswerkmogelijkheden ontstaat een betere balans voor zowel de werkgever als de werknemer, wat de ‘duurzame inzetbaarheid’ ten goede komt. Maar ook het werken vanuit een andere locatie biedt mogelijkheden om efficiënt, effectief en flexibel te werken.

4. Digitale overheid: Een voorwaarde voor de nieuwe manier van werken is dat alle benodigde informatie tijd- en plaatsonafhankelijk (digitaal) beschikbaar is. Papier als middel om informatie op te slaan zal als gevolg van dit alles een minder prominente rol hebben. Papierarm werken betekent dat digitale informatie niet gebonden is aan één werkplek. Het toewerken naar papierarm en digitaal werken maakt tijd- en plaatsonafhankelijk werken ook op andere locaties mogelijk dan waar het samenwerkingsverband wordt ondergebracht.

5. Samenwerken: Door op de nieuwe manier te werken is er meer tijd en gelegenheid voor ‘ontmoeting en kennisdeling’. Daardoor kan ook meer worden ingezet op ketengericht werken en wordt een belangrijke impuls gegeven aan het voldoen aan de gestelde kwaliteiteisen. Door samenwerking ook buiten de locatie van het samenwerkingsverband te zoeken ontstaat een belangrijk voordeel voor zowel de taken die bij het samenwerkingsverband zijn ondergebracht, als voor de taken die achterblijven bij de gemeenten en provincie.


Uitgangspunten

Het Nieuwe Werken en daarmee de huisvesting van het samenwerkingsverband richt zich op de volgende specifieke uitgangspunten.

  • Minder papier, meer digitaal
  • Flexibeler arbeidstijden
  • Meer plaats en tijd- onafhankelijk werken
  • Meer ketengericht werken
  • Resultaatgericht werken vanuit vertrouwen
  • Meer plan- en projectmatig werken
  • Meer verantwoordelijkheid voor de medewerker
  • Minder hiërarchische aansturing
  • Meer op mensgerichte managers


Het effect van “Het nieuwe werken”

  • Een betere balans tussen werk en privé;
  • Vermindering milieubelasting, door optimalisatie reistijd en reisafstand;
  • Een functionele werkomgeving;
  • Aandacht voor belastbaarheid en ontwikkelingsmogelijkheden;
  • Betere samenwerking en delen van kennis;
  • Meer werkplezier door efficiënter en effectiever werken.

Het Nieuwe Werken zal ook effect hebben op regelingen binnen het samenwerkingsverband als het gaat om overwerk, reistijd e.d.:

  • Een verruiming van de werktijdenregeling (tot in de avond)
  • Reistijd voor woon-werk verkeer bezien op weekniveau; er mag worden uitgegaan dat plaats- en tijdonafhankelijk werken leidt tot minder woon-werkverkeer
  • Voor (toekomstige) ambulant medewerkers kunnen eisen worden gesteld aan het bezit van een eigen auto
  • Afspraken over minimale beschikbaarheid op de centrale locatie


De klant en “Het nieuwe werken”

  • Het samenwerkingsverband kenmerkt zich als een zelfstandige organisatie die zogenaamde backoffice werkzaamheden verricht. In principe komen geen burgers, bedrijven en instellingen op bezoek. De frontoffice is onderdeel van de organisatie van de aangesloten partijen tenzij de betreffende partij beslist dat de frontoffice te plaatsen bij het samenwerkingsverband.
  • Fysieke contacten met burgers, bedrijven en instellingen zullen in beginsel niet gaan plaatsvinden in de huisvesting van het samenwerkingsverband, maar worden georganiseerd in de huisvesting achter de frontoffices van de aangesloten partijen. Voor fysieke contacten blijft de klant zo dicht bij huis en in een vertrouwde en aantrekkelijke omgeving. De wijze waarop, wanneer en hoe de fysieke contacten mogelijk worden gemaakt wordt nader uitgewerkt.
  • Los van de fysieke contacten achter de front-office, voorziet het samenwerkingsverband op de andere kanalen (telefonie, schriftelijk, elektronisch) zowel op de eigen centrale locatie als op de flexplekken, die door de opdrachtgevers om niet ter beschikking worden gesteld, in moderne en goed toegankelijke faciliteiten voor zowel burgers, bedrijven en instellingen als voor de aangesloten partijen.


Kostenbesparing door “Het nieuwe werken”

De nieuwe manier van werken zal (op termijn) tot kostenbesparing leiden. Uitgaande van een flexibele kantoorinrichting zonder vaste werkplekken kan het benodigde aantal m2 vloeroppervlak ten opzichte van een klassieke manier van werken beperkt blijven omdat:

  • Vaste werkplekken vaak niet in gebruik zijn is als gevolg van gebruikelijke uitval (ziekte, verlof, parttime e.d.);
  • Thuiswerkmogelijkheden en flexibel werken in nieuw huisvestingsconcept en op andere locaties een aanzienlijke beperking van het aantal werkplekken mogelijk maken;
  • Digitaal werken kast- en archiefruimte overbodig maakt. Dit levert zowel een voordeel op voor het aantal benodigde m2 als voor de aanschaf van benodigde faciliteiten.

Wel dient bij “Het nieuwe werken” uitgegaan te worden van een aantal condities:

  • De centrale organisatie borgt dat medewerkers continu kunnen beschikken over alle (digitale) informatie die nodig is voor het effectief en efficiënt uitvoeren van de werkzaamheden;
  • De centrale organisatie bepaalt de inzet van de capaciteit en stuurt op de uitvoering van diverse processen en de realisatie van de afspraken met de opdrachtgevers;
  • Medewerkers kunnen tijd- en plaatsonafhankelijk bij benodigde bestanden en systemen;
  • Om de samenhang en samenwerking te bevorderen is er een centrale huisvestingslocatie, deze wordt gebruikt om kennis en kwaliteit bij medewerkers op te bouwen. De flexplekken bij de opdrachtgevers zijn geschikt voor functioneel overleg en formele en informele kennisuitwisseling.

Uit ervaringscijfers van organisaties die de nieuwe manier van werken al in praktijk hebben gebracht blijkt op dat een reductie van 30 tot 40 % aan werkplekken ten opzichte van het aantal dat bij de klassieke manier van werken mogelijk is. Als een uitvoeringsorganisatie over relatief veel “buitenwerkers” beschikt is het mogelijk om voor een nieuwe huisvesting te komen tot een reductie van meer dan 40 % van de bestaande werkplekken.

Invoeren van “Het nieuwe werken”

Ten aanzien van het invoeren van Het Nieuwe Werken zal aandacht moeten zijn voor de volgende drie richtingen:

  • Het fysieke deel: inrichting van de huisvesting van het samenwerkingsverband eruit zien / hoe wordt het ingericht?
  • Het virtuele deel: inrichting van de hardware/software & informatievoorziening om Het Nieuwe Werken te faciliteren.
  • Het mentale deel: invulling door de leidinggevenden en toekomstige medewerkers.
Persoonlijke instellingen